10 miljard hongerige monden. De Verenigde Naties voorspellen dat de landbouw tegen het jaar 2050 in staat moet zijn 10.000.000.000 mensen te voeden. We zetten er eventjes alle nulletjes achter om de gigantische uitdaging nog meer tastbaar te maken. (By the way: 10 miljard, dat zijn er 2,5 miljard meer dan nu.) Nog niet onder de indruk? We verhogen de inzet: er komt geen grond bij en het aantal landbouwers neemt af. Paniek? Gelukkig is er de wetenschap, het fundament onder een productieve en duurzame landbouw.
BIJ ONS IN EUROPA
Genoeg. Gezond. Betaalbaar.
Zo willen we ons voedsel op ons bord en in Europa slagen we daar de afgelopen decennia door de bank genomen wonderwel in. Gelukkig! Al moet gezegd: het heeft minder met geluk te maken, dan wel met innovaties in landbouwtechnieken, meststoffen, gewasbescherming, nieuwe technieken voor plantenveredeling, ziekteresistente zaden… Die zorgen ervoor dat de opbrengst per hectare spectaculair is gestegen en de voedselprijs navenant is gedaald, teveel gedaald om de 3de “P” van duurzaamheid (Planet, People, Profitability) te kunnen respecteren. Een eerlijke, remuneratieve prijs voor de landbouw is voor ons een must
Wie hier eet, is blij.
Voor al dat lekkers betalen we gemiddeld 10 tot 15 procent van ons beschikbaar inkomen. Twee generaties geleden was voeding nog goed voor de helft van de uitgaven in het huishoudboekje. Kant één van de medaille: de meesten onder ons weten niet wat honger is en vinden het ongelooflijk aanbod van lekker, gezond en gevarieerd voedsel de normaalste zaak ter wereld. Kant twee van de medaille: te velen onder ons kampen integendeel met overgewicht.
Wie hier eet, is ook een beetje bang.
Ondanks genoeg, gezond en betaalbaar voedsel op ons bord, maken we ons zorgen. Een anekdote, uit het leven gegrepen. “Al die behandelde groenten en fruit, daar durf ik nauwelijks nog van te eten.”, klinkt het bij de kapper. Net kortgeknipte wenkbrauwen gaan de hoogte in bij de repliek: “Ik zou er toch veel van eten als je werkt aan je gezondheid.” “Zou het?” “Ja zeker.”
De feiten. Het Belgische FAVV (Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen) en het Europese EFSA (Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid) dokterden één van de strengste controlesystemen ter wereld uit. Uit hun permanente controles blijkt dat de residu’s van gewasbeschermingsmiddelen in voeding in 97 procent van de gevallen onder de maximumgrens zit. En die overige 3 procent dan? Als je weet dat de maximumgrens een veiligheidsmarge heeft van 100 tot 1000 procent… Helaas is goed nieuws geen nieuws en heerst de marketing van de angst.
